facebook

Ontdek de beste online Taalcursus leraren voor privélessen

Al meer dan tien jaar helpen onze privé Taalcursus leraren leerlingen bij het verbeteren en realiseren van hun ambities. Met één-op-één lessen online profiteer je van hoogwaardig, persoonlijk onderwijs dat is afgestemd op jouw doelen, beschikbaarheid en leerstijl.

Vind jouw perfecte leraar

Bekijk ons aanbod van Taalcursus leraren en gebruik de filters om jouw ideale online les te vinden.

Neem gratis contact op met leraren

Deel jou doelen en voorkeuren met leraren en kies de Taalcursus les die het beste bij jou past

Boek je eerste les

Regel samen de datum en de locatie voor je eerste les. Zodra je leraar de les bevestigt, ben je klaar om vol vertrouwen te beginnen!

2133 online taalcursus leraren

Salma

Nederland
48€

60-min

/h

engels les voor beginners gemaakt door SalmaVertaal deze tekst met Google Translate.

engels les voor beginners gemaakt door SalmaVertaal deze tekst met Google Translate.

Engelse Les voor Beginners - Les 1: Basisbegroetingen en Zelfvoorstelling Lesdoelen: Basisbegroetingen in het Engels leren Eenvoudige vragen en antwoorden over jezelf oefenen Basiswoordenschat opbouwen 1. Begroetingen (Greetings) Hello - Hallo Good morning - Goedemorgen Good afternoon - Goedemiddag Good evening - Goedenavond Good night - Welterusten / Goede nacht How are you? - Hoe gaat het met je? I'm fine, thank you. - Het gaat goed, dank je. Oefening: Oefen het volgende gesprek met je lespartner of docent: Person A: Hello! How are you? Person B: I'm fine, thank you. And you? Person A: I'm good! 2. Zelfintroduceren (Introducing Yourself) What is your name? - Hoe heet je? My name is ... - Mijn naam is ... Where are you from? - Waar kom je vandaan? I'm from ... - Ik kom uit ... Nice to meet you! - Leuk je te ontmoeten! Oefening: Werk in tweetallen en stel elkaar voor: Person A: What is your name? Person B: My name is Sarah. And you? Person A: My name is John. Nice to meet you! Person B: Nice to meet you too! Where are you from? Person A: I’m from the Netherlands. 3. Basiswoordenschat (Basic Vocabulary) English Nederlands Yes Ja No Nee Please Alsjeblieft Thank you Dank je wel Excuse me Pardon Sorry Sorry Oefening: Maak korte zinnen met deze woorden. Bijvoorbeeld: Excuse me, where is the train station? Thank you for your help! 4. Vraag en Antwoord (Question and Answer) What is this? - Wat is dit? This is a ... - Dit is een ... Where is the ...? - Waar is de ...? The ... is here/there. - De ... is hier/daar. Oefening: Wijs naar objecten in de kamer en vraag elkaar: Person A: What is this? Person B: This is a pen. 5. Afsluiting (Ending the Lesson) Goodbye! - Tot ziens! See you later! - Tot later! Oefening: Sluit de les af door elkaar gedag te zeggen. Huiswerk (Homework): Maak een lijst van 10 nieuwe Engelse woorden en leer deze uit je hoofd. Oefen een kort gesprek met jezelf of iemand anders waarin je jezelf voorstelt.

VorigeResultaten aan het tonen 1076 - 1100 van 21331076 - 1100 van 2133Volgende
Kaart
Kaart